Tips voor ouders

Tips voor ouders

Beloon uw kind met iets leuks….
Het is leuk uw kind te belonen als het zich flink heeft gehouden bij de kindertandarts. Wij doen dat in de behandelkamer ook veel, vooral verbaal en met enthousiaste aandacht. En ze mogen een cadeautje kiezen voordat ze naar huis gaan. Als u het leuk vindt, om dat trotse gevoel van uw kind nog even vast te houden, is het leuk om onaangekondigd kleine dingen te doen. Laat uw kind bijvoorbeeld kiezen wat er ‘s avonds gegeten wordt of geef uw kind een klein cadeautje of iets anders leuks. Dit werkt het positieve gevoel in de hand, zo kan de negatieve associatie met een tandartsbezoek langzaam wegebben.

… maar doe dat wel pas achteraf!
Belangrijk is wel dat u uw kind altijd pas achteraf beloont en dat u geen dingen vooraf belooft: ‘Als je doet wat de tandarts zegt dan krijg je ...’. Ongemerkt maakt u er zo een sanctie van, want als uw kind niet precies kan doen wat u van hem verwacht, houdt u het beloofde dan achter? Het wordt dan bijna een dreigement, ‘ als je het niet doet, krijg je het niet ...’ Daarnaast leidt het nogal eens tot lastige onderhandelingen met het kind. Ook kan het zijn dat uw kind denkt dat er iets ergs gaat gebeuren bij de tandarts, want het krijgt immers niet ‘zomaar’ een cadeautje. Uw kind wordt daardoor juist misschien angstiger.

Goed poetsen 

  • U begint met het poetsen van de tanden met tandpasta vanaf het moment dat het eerste tandje is doorgebroken. Tot 2 jaar kunt u het gebit eenmaal per dag poetsen en vanaf 2 jaar tweemaal per dag. 
  • Poetsen kunt u het beste doen door zelf achter uw kind te gaan staan en zijn of haar hoofd op uw hand te laten rusten. De allerkleinsten kunnen het best liggend op de commode gepoetst worden. 
  • Gebruik een kleine tandenborstel met zachte haren en doe daar een klein bolletje tandpasta op. Maak zachte, masserende bewegingen over zowel de tanden als het tandvlees. 
  • Als uw kind ouder wordt, kunt u uw kind meer eigen verantwoordelijkheid geven door het gebit zelf te laten poetsen. Tot 10 jaar is het wel belangrijk om het gebit, minstens eenmaal daags na te poetsen bij voorkeur ‘s avonds. Ook daarna is het belangrijk om het tandenpoetsen regelmatig te controleren en te begeleiden. 

Beperk het aantal eet- en drinkmomenten
Beperk het aantal eet- en drinkmomenten tot zeven keer per dag. Drie keer een hoofdmaaltijd en vier keer per dag een tussendoortje. Zo kan het speeksel in de mond helpen het gebit te beschermen. Elke keer dat uw kind wat drinkt of eet wordt gezien als een eet- of drinkmoment. Telt u maar eens hoe vaak dat op een dag voorkomt!

Geef uw kind geen flesje of tuitbeker
Vaak sabbelen aan een zuigflesje of anti-lekbeker met bijvoorbeeld vruchtensap, siroop, drinkyoghurt en andere melkproducten kan het gebit aantasten. Omdat het gebit langdurig met suikers in aanraking komt, is er een grote kans op het ontstaan van zogenoemde zuigflescariës. De kans hierop is kleiner als kinderen hun zoete drankjes in één keer opdrinken. Laat daarom uw kind vanaf negen maanden uit een beker zonder tuit drinken in plaats vanuit een zuigflesje of anti-lekbeker. Gebruik een tuitbeker eventueel eerst als tussenstap. 's Avonds en 's nachts is het drinken uit een zuigflesje met zoete inhoud extra schadelijk. 's Nachts kan het speeksel de zuuraanvallen op het gebit vrijwel niet herstellen. Het (’s nachts) drinken van water uit een zuigflesje is overigens niet schadelijk.

Afleren van de speen
Een pasgeboren baby heeft ook buiten de voedingen om vaak een grote zuigbehoefte. De speen kan een hulpmiddel zijn om je kind tevreden te stellen als hij of zij zuigbewegingen met de mond maakt. Maar na een maand of twaalf wordt die zuigbehoefte minder en krijgen kinderen vaker de speen van hun ouders als troost of uit gewoonte. Dat is het moment waarop je kunt gaan beginnen met afbouwen! Hoe langer je met afbouwen wacht, hoe moeilijker het wordt. Een kleuter zal bijvoorbeeld meer protesteren. Bovendien maakt een ouder kind meer spannende dingen mee en heeft de speen dus vaker nodig als troost.

Uiteindelijk is het natuurlijk de bedoeling dat je kind ook bij het inslapen geen speen meer in de mond heeft. Je kunt met je kind afspreken wanneer je afscheid van de speen neemt. Je kunt de speen aan een ballon binden en samen de speen uitzwaaien. Of geef de speen aan het paard van Sinterklaas mee. In Scandinavië worden een heleboel spenen tegelijk verbrand. Het gaat erom dat de speen definitief weg is. Een kind van een jaar of drie, vier beseft dat en realiseert zich ook dat zeuren om een speen geen zin meer heeft. Je moet er natuurlijk wel voor zorgen dat je de speen pas vaarwel zegt als je kind het idee heeft dat het voldoende afscheid heeft genomen. Het moet zijn of haar ‘eigen’ besluit zijn.

Vaak gaan de eerste twee dagen zonder speen goed, maar begint je kind op de derde dag te zeuren. Juist dan moet je doorzetten. Ben je zelf moe of heb je veel stress, dan zal je toegeven en toch de speen maar weer geven om van het gezeur af te zijn. Dat is heel begrijpelijk, maar je moet dan weer van voren af aan beginnen. Dus kies voor je kind, maar ook voor jezelf een goed moment om met afbouwen te beginnen en houd vol.

Afleren van duimen
Eigenlijk zou een kind moeten stoppen met duimen voordat hij gaat praten, zo rond zijn eerste verjaardag. Maar we blijven realistisch. Duimzuigen afleren is alleen te doen als je kind meewerkt. Biedt hem andere vormen van rust en troost (even op schoot, spelletje doen, gesprekje voeren) op het moment dat hij normaal zijn duim opzoekt. Het is ook goed om het 'niet duimen' te belonen, met bijvoorbeeld een compliment of een sticker. ’s Nachts duimen is moeilijker af te leren. Laat je kind een pleister om zijn duim doen of een vingerpoppetje. Dat moet hij heel bewust afdoen om te kunnen zuigen en met dat bewustzijn kan hij ook besluiten het niet te doen. Overdag kan een pleister je kind ook helpen om in zijn stoppoging te volharden.

playmobile 02